Elleboog
Tenniselleboog - Laterale epicondylitis
Oorzaak
Laterale epicondylitis ontstaat door overbelasting van de strekpezen van de onderarm, vooral van de korte radiale polsstrekker, ter hoogte van hun aanhechting aan de buitenste botknobbel van de elleboog. Herhaalde pols en vingerstrekbewegingen liggen aan de basis, klassiek bij tennis, maar minstens even vaak bij manueel werk of intensief computer en muisgebruik.
Klachten
Er is pijn aan de buitenzijde van de elleboog, die kan uitstralen naar de onderarm en verergert bij het strekken van de pols of bij het optillen van voorwerpen, zelfs een lichte handeling zoals het optillen van een kopje. De grijpkracht is vaak verminderd door de pijn.
Diagnose
De diagnose wordt klinisch gesteld: drukpijn op de laterale epicondyl en pijn bij het strekken van de pols tegen weerstand. Beeldvorming is meestal niet nodig; bij aanhoudende of atypische klachten kan een echografie de pees in beeld brengen.
Conservatieve behandeling
Dit is de eerste en meestal succesvolle stap: aanpassing van belastende activiteiten, fysiotherapie met excentrische oefeningen, een brace en ontstekingsremmers. Het is vaak een langdurig proces, maar in het overgrote deel van de gevallen (>90%) is dit succesvol.
Bijzonderheden
Het gaat eerder om een degeneratief peesletsel dan om een echte ontsteking, wat mee verklaart waarom de behandeling vooral gericht is op geleidelijke peesbelasting eerder dan op louter rust.
Operatie
Baat de conservatieve behandeling onvoldoende na minstens 6 tot 12 maanden, dan wordt het aangetaste peesweefsel operatief verwijderd.
Nazorg
Na een operatie volgt een korte periode van rust, gevolgd door geleidelijke fysiotherapie met opbouw van beweeglijkheid en kracht.
Resultaat:
De meerderheid van de patiënten geneest binnen het jaar met conservatieve behandeling. Ook na een operatie is het resultaat doorgaans goed. Een factor die sterk mee speelt in het falen van de behandeling, zowel conservatief als operatief, is actief nicotinegebruik.