Hand en pols
Distale radiusfractuur (polsbreuk)
Oorzaak
De distale radiusfractuur is de meest voorkomende polsbreuk en ontstaat meestal door een val op de uitgestrekte hand. Dit komt vaak voor bij oudere mensen met broos bot (osteoporose), maar evengoed bij jongere mensen na een val met hoge snelheid, bijvoorbeeld tijdens sport.
Klachten
Er is pijn, zwelling en soms een zichtbare standsafwijking van de pols (een typische vorkvormige stand bij een naar achteren verplaatste breuk). Bewegen van de pols is pijnlijk en beperkt.
Diagnose
De diagnose wordt gesteld op klinisch onderzoek en een röntgenfoto. Bij een breuk die tot in het gewricht reikt, wordt vaak bijkomend een CT scan gemaakt om de breuk in detail te bekijken en de operatie voor te bereiden.

Conservatieve behandeling
Een niet verplaatste of een stabiele breuk kan behandeld worden met gipsimmobilisatie gedurende 4 tot 6 weken.
Operatie
Bij een verplaatste, instabiele of tot in het gewricht reikende breuk wordt meestal geopereerd. Via een snede aan de voorzijde van de pols wordt de breuk gereponeerd en gefixeerd met een plaatje en schroeven (volaire plaat).
Bijzonderheden
Bij een polsbreuk kan de mediaanzenuw (die de duim, wijs en middelvinger van gevoel voorziet) acuut bekneld raken, met een carpaaltunnelsyndroom tot gevolg. Nicotinegebruik is een belangrijke factor die er voor kan zorgen dat de breuk niet vastgroeit.

Nazorg
Na de operatie draagt u een spalk of een lichte gips. De vingers mogen en moeten van bij de start bewegen. Fysiotherapie voor de pols wordt opgestart zodra de wonde genezen is, met een geleidelijke opbouw van beweeglijkheid en kracht over 6 tot 12 weken.
Resultaat operatie:
De functionele resultaten zijn doorgaans goed. Mogelijke complicaties zijn blijvende stijfheid en, bij een blijvende oneffenheid in het gewricht, artrose op langere termijn.