Hand en pols
Skiduim
Oorzaak
Skiduim is een letsel van het ulnaire collaterale band, de stabiliserende band aan de binnenzijde van het metacarpofalangeaal gewricht van de duim (MCP gewricht). Het ontstaat door een plotse, geforceerde zijwaartse uitwijking van de duim, klassiek bij een val met de skistok nog in de hand, maar evengoed bij een val op een uitgestrekte duim tijdens andere sporten.
![]()
Klachten
Er is pijn en zwelling aan de binnenzijde van de duim, met een verminderde en pijnlijke knijpkracht tussen duim en wijsvinger. Het gewricht kan instabiel aanvoelen bij zijwaartse belasting. Vaak is er initieel uitgesproken zwelling.
Diagnose
Het klinisch onderzoek, waarbij de zijwaartse stabiliteit van het gewricht getest wordt, is doorslaggevend. Een röntgenfoto sluit een bijkomend botfragment uit. Bij twijfel over de mate van instabiliteit, of om na te gaan of de losgescheurde band onder het aanhechtingsvlies van de aanpalende spier verplaatst is (Stener letsel), wordt een echografie gemaakt.

Conservatieve behandeling
Een gedeeltelijke scheur zonder duidelijke instabiliteit wordt behandeld met een duimspalk gedurende 4 tot 6 weken.
Operatie
Bij een volledige scheur met duidelijke instabiliteit, en zeker bij een Stener letsel (waarbij de band niet spontaan kan genezen omdat ze verplaatst achter het aanhechtingsvlies ligt), wordt de band operatief hersteld en teruggehecht aan het bot.
Nazorg
Na de operatie wordt de duim enkele weken beschermd met een gipsimmobilisatie, gevolgd door een geleidelijke opbouw van de beweeglijkheid en de knijpkracht, met pas zware belasting vanaf 8 weken.
Resultaat:
Met een tijdige behandeling is het resultaat doorgaans goed, met een stabiel en pijnvrij gewricht. Een onbehandelde of laattijdig herkende instabiliteit kan leiden tot blijvende zwakte en artrose van het gewricht.