Knie

Laterale collaterale band (LCL)

In het kort

De laterale collaterale band loopt langs de buitenzijde van de knie en stabiliseert die bij zijwaartse krachten. Letsels zijn minder frequent dan aan de binnenzijde en horen vaak bij een complexer letsel van de buitenste kniehoek. Lichte letsels herstellen zonder operatie; ernstige letsels worden vaak wel geopereerd. Tintelingen of zwakte in de voet vragen extra aandacht, omdat er vlakbij een zenuw loopt.

Wat is het?

De laterale collaterale band (LCL) is de zijband aan de buitenkant van de knie. Samen met enkele andere structuren vormt hij de ‘buitenste kniehoek’, die de knie stabiel houdt bij krachten van binnen naar buiten.

Een letsel ontstaat door een kracht die de knie naar buiten duwt, of door een draaiing. Omdat de band stevig is, gaat een ernstig LCL-letsel vaak samen met schade aan andere structuren van de buitenste kniehoek.

Wat zijn de symptomen?

  • Pijn aan de buitenzijde: plaatselijk langs het bandverloop.
  • Zwelling en instabiliteit: een onzeker gevoel, vooral bij zijwaartse belasting.
  • Zenuwklachten: soms tintelingen of krachtsverlies in voet of tenen, doordat een zenuw vlak langs de band loopt. Dit is een belangrijk signaal voor de arts.

Hoe stellen we de diagnose?

  • Het gesprek (anamnese): de arts vraagt naar het ongevalsmechanisme.
  • Lichamelijk onderzoek: met de varus-stresstest wordt de stabiliteit beoordeeld. De arts controleert ook altijd de zenuw- en bloedvoorziening van het onderbeen.
  • Beeldvorming: een MRI-scan toont de band en eventuele bijkomende schade aan de buitenste kniehoek.

Wat zijn de behandelingsopties?

Conservatief. Lichte, geïsoleerde letsels (graad 1–2) worden behandeld met een brace en oefentherapie, net als bij de binnenste band.

Operatief. De buitenste band geneest minder goed vanzelf dan de binnenste. Ernstige letsels en letsels van de buitenste kniehoek worden daarom vaak operatief hersteld, bij voorkeur vrij snel na het ongeval.

Wat houdt de chirurgie in?

Bij een operatie wordt de band gehecht of, als hij te zwaar beschadigd is, vervangen door een peestransplantaat. Vaak gebeurt dit samen met het herstel van de andere structuren van de buitenste kniehoek. Een vroege ingreep (binnen enkele weken) geeft doorgaans het beste resultaat.

Hoe ziet de revalidatie eruit?

De revalidatie hangt af van de ernst en of er geopereerd is. De fasen hieronder zijn een richtlijn voor een operatief hersteld letsel.

Fase Wanneer Doel
1 — Bescherming Week 0–6 Brace; zwelling onder controle; voorzichtig bewegen; spieren activeren.
2 — Beweeglijkheid Week 6–12 Geleidelijk volledige beweeglijkheid; normaal stappen.
3 — Kracht & functie Maand 3–6 Spierkracht en stabiliteit opbouwen.
4 — Terug naar sport Vanaf maand 6 Sportspecifieke opbouw en terugkeer.

Wat zijn de vooruitzichten?

Lichte, geïsoleerde letsels herstellen goed. Bij ernstige of gecombineerde letsels is een operatie meestal nodig om de knie weer stabiel te maken; met een goede revalidatie zijn ook dan de vooruitzichten gunstig.